DE NEDERLANDSE MIEREN nlmieren.nl
HOME- SITEMAP
MIEREN DELEN ALLES SAMEN, ZELFS HUN MAAGINHOUD
   

Slechts een deel van de werksters verzameld voedsel, de anderen doen ander werk in het nest. De voedselverzamelaars delen hun eten met hen, de larven en de koningin.

Vooral luizenmelk
De meeste soorten mieren melken luizen. De luizenmelk (of honingdauw) drinken ze op, zoveel dat hun achterlijf zichtbaar opzwelt. Een klein deel van het opgezogen voedsel gebruiken ze zelf. Het grootste deel geven ze door aan wie er om vraagt. De vrager 'bedelt' er om. Althans zo noemen wij mensen dat. De gever braakt het voedsel op en de vrager zuigt het weer naar binnen. Zij kan het zelf ook weer doorgeven, bijvoorbeeld aan de larven of de koningin. Vandaar dat men bij mieren spreekt van een sociale maag: iedereen heeft recht op het verzamelde voedsel, maar moet er wel om vragen. Ook de larven vragen er om. Het blijkt dat zij bepaalde geluiden voortbrengen waar de kraamhulpwerksters op reageren.

Stel dat er geen voedsel is
Er moet heel wat gebeuren voordat het voedsel op is. Na de winterslaap bijvoorbeeld zitten de achterlijven nog altijd barstens vol met voedsel. Daarmee kunnen ze het kolonieleven opstarten, zelfs als er buiten het nest nog niets te halen valt. Ze gaan het nest herstellen, voeden de larven, gaan gangen graven voor de ventilatie in het nest en dat allemaal met hun persoonlijke reservevoorraad van voor de winter.
Toch kan er in mei wel degelijk een te kort zijn. Vaak is dat een eiwittekort. Met name de larven hebben behoefte aan eiwitten. Als het een langdurig koud voorjaar is, zijn er te weinig insekten(larven) om als eiwitbron te dienen. Een van de oplossingen is dat de mieren elkaar te lijf gaan en elkaar aan hun larven voeden. Het duidelijkst is dit te zien bij grote rode bosmier kolonies, met veel nesten dicht bij elkaar. De oorlog begint eind van de ochtend. Dan trekken de mieren naar het slagveld, vechten er op leven en dood en tegen een uur of vier stoppen ze ermee en nemen de gedode tegenstanders mee om op te voeren aan de hongerige jeugd.

Alles staat in dienst van het voortbestaan van alle individuen in het nest.

Bronnen
Mabelis AA 1979. Wood ant wars, the relationship between aggression and predation in the red wood ant (Formica polyctena Foerst.). Netherlands Journal of Zoology 29: 451-620
.

 

 

 

 

laatste update: 13.05.2013